ECLI:NL:CRVB:2007:BA7733
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering forfaitaire kilometervergoeding wegens gebruiksmogelijkheid Vervoer op Maat
Appellant had bij het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam een aanvraag ingediend voor een forfaitaire kilometervergoeding op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg). Deze aanvraag werd afgewezen omdat appellant medisch gezien gebruik kan maken van de reeds toegekende voorziening Vervoer op Maat.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij vanwege medische beperkingen en praktische bezwaren, zoals het niet kunnen meenemen van twee rolstoelen en het niet geschikt zijn van Vervoer op Maat voor het brengen van kinderen naar school, niet van deze voorziening gebruik kan maken. Tevens stelde hij dat zijn echtgenote niet in staat was de kinderen naar school te brengen vanwege verplichte taallessen.
De Raad concludeerde dat appellant zijn stellingen niet met verifieerbare medische gegevens had onderbouwd en dat redelijkerwijs van de echtgenote medewerking mocht worden verwacht bij het begeleiden van de kinderen. Ook bleek uit de stukken dat het College opdracht had gegeven om het meenemen van de sportrolstoel toe te staan. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de forfaitaire kilometervergoeding omdat appellant medisch gezien gebruik kan maken van Vervoer op Maat.