ECLI:NL:CRVB:2007:BA8206
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C.M. van Laar
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering na mislukte werkhervatting en ongewijzigde beperkingen
Appellant trad in mei 2004 in dienst als magazijnmedewerker maar meldde zich na drie weken ziek vanwege rugklachten, waarna de arbeidsovereenkomst werd ontbonden. Het UWV weigerde een Ziektewetuitkering omdat de beperkingen van appellant sinds de WAO-beoordeling van december 2003 niet waren toegenomen en de nieuwe functie niet als 'zijn arbeid' kon worden aangemerkt vanwege de mislukte werkhervatting.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze besluiten ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat het UWV terecht aansluiting zocht bij de functies uit de eerdere WAO-beoordeling. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel en bevestigt dat appellant niet volwaardig de nieuwe functie heeft uitgeoefend en dat de medische gegevens geen toename van beperkingen aantonen.
Ook voor de tweede weigering van een Ziektewetuitkering per juni 2005 geldt dat de WAO-functies als 'zijn arbeid' worden beschouwd, omdat appellant zich toen ziek meldde vanuit een WW-uitkering en geen toename van beperkingen is vastgesteld. De Raad bevestigt de aangevallen uitspraken en wijst de beroepen af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Ziektewetuitkeringen aan appellant.