ECLI:NL:CRVB:2007:BA9778
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdigheid bezwaar tegen intrekking WAO-uitkering wegens niet tijdige bekendmaking besluit
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) tegen een uitspraak van de rechtbank Leeuwarden die het bezwaar van betrokkene tegen de intrekking van zijn WAO-uitkering gegrond verklaarde. Het geschil draait om de vraag wanneer het WAO-besluit aan betrokkene bekend is gemaakt en daarmee wanneer de bezwaartermijn is aangevangen.
Appellant stelde dat het besluit op of kort na 8 februari 2006 aan betrokkene was verzonden, samen met een TRI-set, terwijl betrokkene verklaarde het besluit pas op 12 mei 2006 te hebben ontvangen na herhaalde telefonische navraag. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende bewijs leverde voor tijdige verzending en dat het besluit niet eerder dan 12 mei 2006 bekend is gemaakt.
Hierdoor was het bezwaar van 16 mei 2006 tijdig ingediend. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde appellant tot vergoeding van proceskosten in hoger beroep. Verzoek tot vergoeding van reiskosten in eerste aanleg werd afgewezen omdat dit niet eerder was verzocht.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte en tijdige bekendmaking van bestuursbesluiten en de zorgvuldige vaststelling van de aanvang van de bezwaartermijn.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het WAO-besluit is tijdig ingediend en het hoger beroep van appellant wordt afgewezen.