ECLI:NL:CRVB:2007:BA9949
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de intrekking van haar WAO-uitkering door het UWV, omdat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn verklaard. Zij betwistte het oordeel van het UWV, met name omdat er geen eigen medisch onderzoek was verricht en er geen informatie van haar behandelend cardioloog was verstrekt.
De Raad overwoog dat het ontbreken van lichamelijk onderzoek door de verzekeringsarts gerechtvaardigd was omdat de klachten daartoe geen aanleiding gaven. Ook het ontbreken van informatie van de cardioloog stond het opstellen van een Functionele Mogelijkheden Lijst niet in de weg. Appellante had tijdens de bezwaarfase de mogelijkheid om aanvullende medische informatie aan te leveren, maar heeft hiervan geen gebruik gemaakt.
De Raad onderschreef de rechtbank in haar oordeel dat de functies waarop de arbeidsongeschiktheid was gebaseerd passend waren en dat de signaleringen voldoende waren gemotiveerd. De arbeidskundige schatting was gebaseerd op functies met specifieke Sbc-codes, waarbij in de bezwaarfase enkele functies waren vervallen vanwege overschrijding van de belastbaarheid.
Uiteindelijk concludeerde de Raad dat het hoger beroep ongegrond was en bevestigde de intrekking van de WAO-uitkering. Er waren geen gronden aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.