ECLI:NL:CRVB:2007:BB0174
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Weigering WAJONG-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid bevestigd
Appellant verzocht om een WAJONG-uitkering wegens lichamelijke en psychische beperkingen die hem verhinderen te werken. Het UWV weigerde de uitkering omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 25% bedroeg. De rechtbank vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen ervan in stand. Appellant stelde dat onvoldoende duidelijk was welke belasting de functies hadden waarop zijn belastbaarheid werd getoetst.
De Raad stelde vast dat de functiebelasting in de relevante functies nagenoeg niet was gewijzigd en dat de bezwaararbeidsdeskundigen voldoende hadden toegelicht waarom appellant de belastbaarheid niet overschreed, met name op het gebied van oog-handcoördinatie. Appellant leverde geen tegenbewijs.
De Raad verwierp het beroep en bevestigde de aangevallen uitspraak. De behandeling werd niet aangehouden ondanks het verzoek van de gemachtigde wegens ziekte. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 10 juli 2007.
Uitkomst: De weigering van de WAJONG-uitkering wordt bevestigd omdat appellant onvoldoende arbeidsongeschikt is verklaard.