ECLI:NL:CRVB:2007:BB1564
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens voldoende belastbaarheid eigen werk
Appellante was werkzaam als keukenmedewerkster totdat zij op 21 januari 2003 uitviel wegens rugklachten. Het UWV weigerde op 17 maart 2004 een WAO-uitkering toe te kennen omdat zij haar eigen werk volledig zou kunnen uitvoeren. Na een aanscherping van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) werd appellante niet langer geschikt geacht voor haar eigen werk, maar de mate van arbeidsongeschiktheid bleef onder de 15%.
De rechtbank Leeuwarden vernietigde het bestreden besluit omdat het UWV pas in beroep een volledige toelichting gaf over de geschiktheid van de geduide functies, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. In hoger beroep voerde appellante aan dat haar beperkingen werden onderschat en bracht zij medische stukken in van haar huisarts en neurochirurg.
De Raad overwoog dat deze medische gegevens geen nieuwe feiten bevatten die niet al bij het UWV bekend waren of meegenomen waren. De medische situatie op de relevante datum kon niet worden vastgesteld uit de stukken. Het rapport van de bezwaarverzekeringsarts bevestigde de juistheid van de FML. De Raad onderschreef de arbeidskundige overwegingen van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WAO-uitkering bevestigd.