ECLI:NL:CRVB:2007:BB3162
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid bezwaar tegen besluit UWV over WAO-uitkering
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV inzake haar WAO-uitkering. De rechtbank Groningen verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het bezwaarschrift te laat zou zijn ingediend. Appellante stelde echter dat het bezwaarschrift op tijd per post was verzonden.
De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en overwogen dat het bezwaarschrift uiterlijk op 3 maart 2004 door het UWV is ontvangen, terwijl de bezwaartermijn op 1 maart 2004 eindigde. Omdat het UWV de envelop niet had bewaard, kon de datum van het poststempel niet worden vastgesteld. De Raad achtte de verklaring van appellante betrouwbaar en concludeerde dat het bezwaarschrift tijdig was ingediend.
Hierdoor werd de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank Groningen voor verdere behandeling. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante en verplicht tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is tijdig ingediend, de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen.