ECLI:NL:CRVB:2007:BB4266
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- H.G. Rottier
- H.J. De Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoek WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante, voormalig dialyse-verpleegkundige, verzocht het UWV om een WAO-uitkering vanwege een posttraumatische stressstoornis. Het UWV wees dit verzoek in 1999 af omdat er geen onafgebroken periode van 52 weken arbeidsongeschiktheid sinds 1975 kon worden vastgesteld. Na bezwaar en beroep bleef deze afwijzing in stand.
In 2004 verzocht appellante om herziening van het besluit, verwijzend naar een uitkering van het Schadefonds Geweldsmisdrijven die een periode van arbeidsongeschiktheid sinds 1975 aannemelijk zou maken. Het UWV oordeelde echter dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die tot herziening konden leiden en wees het verzoek af.
De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel. De verklaringen van behandelend psychotherapeut en arts bevatten slechts een andere beoordeling van reeds bekende feiten en vormen geen nieuw bewijs. Het UWV heeft terecht het herzieningsverzoek afgewezen conform artikel 4:6 Awb Pro. Het hoger beroep wordt verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek van appellante wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden.