ECLI:NL:CRVB:2007:BB4590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- R.C. Stam
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen uitspraak inzake WAO-kortingsbesluit en herzieningsbesluit
Betrokkene ontving een WAO-uitkering gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer. Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, nam op 17 september 2004 een kortingsbesluit waarbij de uitkering werd verlaagd naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55-65%, en een herzieningsbesluit waarbij de arbeidsongeschiktheid werd herzien naar 35-45% per 3 november 2004.
Betrokkene diende een bezwaarschrift in tegen het kortingsbesluit, maar maakte geen bezwaar tegen het herzieningsbesluit. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en oordeelde dat appellant ook een besluit op bezwaar moest nemen over het herzieningsbesluit.
Appellant stelde in hoger beroep dat betrokkene geen bezwaar had gemaakt tegen het herzieningsbesluit en dat de rechtbank buiten de geschilomvang was getreden. De Raad oordeelde dat het bezwaarschrift en de hoorzitting geen indicatie gaven van bezwaar tegen het herzieningsbesluit en vernietigde het oordeel van de rechtbank.
De Raad concludeerde dat appellant terecht aannam dat het bezwaar uitsluitend tegen het kortingsbesluit was gericht en dat het hoger beroep gegrond is, waardoor de uitspraak van de rechtbank op dat punt wordt vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard en het oordeel van de rechtbank dat een besluit op bezwaar over het herzieningsbesluit moet worden genomen, wordt vernietigd.