ECLI:NL:CRVB:2007:BB4847
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.F. Bandringa
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep over arbeidsovereenkomst oproepkracht en recht op loondoorbetaling bij ziekte
Appellante sloot medio februari 2003 een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met betrokkene, die later werd gewijzigd in een oproepovereenkomst. Het UWV weigerde ziekengeld toe te kennen met de motivering dat er een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd was ontstaan, waardoor appellante verplicht was tot loondoorbetaling.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit van 12 januari 2005 gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep ongegrond. De Raad oordeelt dat door meer dan drie opeenvolgende oproepovereenkomsten met korte tussenpozen een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan volgens artikel 7:668a BW.
Omdat betrokkene op de datum van ziekmelding beschikbaar was voor werk en door ziekte niet kon werken, had zij recht op loon en geen recht op ziekengeld. Het UWV heeft het ziekengeld daarom terecht geweigerd. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het UWV heeft terecht het ziekengeld geweigerd wegens loondoorbetalingsplicht.