ECLI:NL:CRVB:2007:BB5150
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WUBO-uitkering wegens ontbreken van blijvende invaliditeit door oorlogsschade
Appellante, geboren in 1934, vroeg in december 2005 een toeslag en uitkering aan op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (WUBO), gebaseerd op gezondheidsklachten die zij toeschrijft aan haar ervaringen tijdens de Bersiap-periode en internering in kampen in voormalig Nederlands-Indië. Verweerster, de Raadskamer WUBO van de Pensioen- en Uitkeringsraad, wees de aanvraag af omdat niet werd voldaan aan de eis van blijvende invaliditeit door lichamelijk of psychisch letsel als gevolg van oorlogscalamiteiten.
Appellante voerde in bezwaar en beroep aan dat haar klachten, waaronder hoofdpijn, slaapstoornissen en hartritmestoornissen, deels psychosomatisch waren en onvoldoende in aanmerking waren genomen. De Raad overwoog dat het standpunt van verweerster, gesteund door twee geneeskundig adviseurs, dat de psychische klachten niet leidden tot invaliditeit in de zin van de Wet, goed gemotiveerd en onderbouwd was. De hoofdpijnklachten werden niet als oorlogsgerelateerd beschouwd en de hartritmestoornissen waren somatisch van aard.
De psychische klachten van appellante waren mild en bestonden uit angst voor treinreizen en kleine ruimtes, vermijding van oorlogsbeelden en kortdurende herinneringen. De Raad vond geen aanwijzingen dat deze beperkingen onderschat waren. Ook stukken over huishoudelijke hulp op grond van een andere regeling boden geen aanleiding tot een ander oordeel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van blijvende invaliditeit door oorlogsgerelateerde klachten.