ECLI:NL:CRVB:2007:BB7244
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat fiscale winst uitgangspunt is bij vaststelling Wajong-inkomen ondanks wijziging belastingwetgeving
In deze zaak stond de vraag centraal of een wijziging in de fiscale wetgeving per 1 januari 2001, die de mogelijkheden voor vermindering van fiscale winst voor ondernemers met een pand in privévermogen beperkte, een bijzondere omstandigheid vormt om af te wijken van de algemene regel dat de fiscale winst als uitgangspunt wordt genomen bij de vaststelling van het inkomen voor de Wajong.
De rechtbank Almelo had geoordeeld dat geen sprake was van een bijzonder geval en dat de fiscale winst als uitgangspunt moet gelden. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad benadrukt dat een wijziging van de fiscale regelgeving op zich geen bijzondere omstandigheid is die afwijking rechtvaardigt.
De gemachtigde van appellante gaf aan dat de keuze voor het pand als privévermogen in het verleden was gemaakt, maar dat de wijziging van de wetgeving nadelig uitpakte. De Raad oordeelt dat dit geen reden is om af te wijken van de fiscale winst als maatstaf. Ook het feit dat de winst mogelijk niet in verhouding stond tot de verrichte arbeid is niet doorslaggevend bij de toepassing van artikel 50 Wajong Pro.
De Raad bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank en wijst toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht af. De fiscale winst van appellante over 2002 en 2003 blijft dus het uitgangspunt voor de inkomensvaststelling in het kader van de Wajong.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de fiscale winst het uitgangspunt is bij de vaststelling van het Wajong-inkomen, ook na wijziging van de belastingwetgeving.