ECLI:NL:CRVB:2007:BB7479
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over weigering AAW- en WAO-uitkeringen wegens onvoldoende motivering
Appellant heeft na het staken van zijn werkzaamheden en terugkeer naar Marokko een aanvraag voor arbeidsongeschiktheidsuitkeringen ingediend bij het UWV. Het UWV weigerde deze uitkeringen omdat niet was gebleken dat appellant gedurende de verzekeringsperiode arbeidsongeschikt was gebleven. De rechtbank vernietigde het besluit wegens strijd met het motiveringsbeginsel, maar liet de rechtsgevolgen in stand.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de medische beoordeling onvoldoende rekening hield met klachten zoals lage-rugpijn, voetklachten en psychische aandoeningen die appellant in de relevante periode had. Tevens ontbrak een beoordeling van de gezondheidstoestand op de datum van belang. Hierdoor was het besluit onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd in strijd met de Awb.
De Raad vernietigt daarom de aangevallen uitspraak voor zover deze de rechtsgevolgen van het besluit in stand liet en beveelt het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en het UWV moet een nieuwe beslissing op bezwaar nemen.