ECLI:NL:CRVB:2007:BB8092

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
14 november 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
05-2321 TW-R
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie van onjuiste vermelding bijstand betrokkene in bestuursrechtelijke uitspraak

Op 11 juli 2007 deed de Centrale Raad van Beroep uitspraak in een bestuursrechtelijke zaak waarbij werd vermeld dat betrokkene zich tijdens de zitting liet bijstaan door een persoon die niet werkzaam bleek te zijn bij het genoemde advocatenkantoor.

De advocaat mr. Steijgerwalt meldde de Raad dat zij zelf betrokkene had bijgestaan en verzocht om rectificatie van deze onjuiste vermelding. De Raad stelde appellant in de gelegenheid om hierop te reageren, maar er kwam geen bezwaar.

De Raad overwoog dat de onjuiste vermelding gecorrigeerd moest worden en besloot de uitspraak te rectificeren zodat correct werd vermeld dat betrokkene werd bijgestaan door mr. Steijgerwalt. Deze rectificatie werd op 14 november 2007 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De uitspraak van 11 juli 2007 is gecorrigeerd zodat correct wordt vermeld dat betrokkene werd bijgestaan door mr. Steijgerwalt.

Uitspraak

05/2321 TW-R
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 11 juli 2007, 05/2321 TW
Partijen:
1. de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: appellant);
2. [betrokkene] (hierna: betrokkene).
Datum uitspraak: 14 november 2007
I. PROCESVERLOOP
De Raad heeft op 11 juli 2007 uitspraak gedaan in de zaak met registratienummer 05/2321 TW (uitspraak). In de uitspraak staat vermeld dat betrokkene zich ter zitting heeft laten bijstaan door P. Sumrutcu, werkzaam op het kantoor van mr. Steijgerwalt.
Mr. C. Steijgerwalt, advocaat te Utrecht, heeft bij brief van 12 juli 2007 de Raad meegedeeld dat P. Sumrutcu niet werkzaam is op haar kantoor en dat zij zelf betrokkene ter zitting van de Raad op 18 april 2007 heeft bijgestaan. Zij heeft de Raad verzocht deze verschrijving te herstellen.
Bij brief van 7 augustus 2007 heeft de Raad appellant meegedeeld voornemens te zijn de uitspraak overeenkomstig het verzoek van mr. Steijgerwalt te rectificeren en appellant in de gelegenheid gesteld zich schriftelijk uit te laten over de mogelijke rectificatie van de uitspraak. Binnen de daarvoor gegeven termijn van twee weken is geen reactie van appellant ontvangen.
II. OVERWEGINGEN
De Raad overweegt dat in de uitspraak niet juist is weergegeven wie betrokkene ter zitting van de Raad op 18 april 2007 heeft bijgestaan. Nu ook overigens geen bedenkingen van de zijde van appellant zijn ingediend, ziet de Raad aanleiding tot rectificatie van de uitspraak over te gaan en wel in die zin dat de derde volzin van de laatste alinea van onderdeel I van de uitspraak als volgt komt te luiden:
“Betrokkene is verschenen, bijgestaan door mr. Steijgerwalt.”
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Gaat over tot rectificatie van de uitspraak van 11 juli 2007, 05/2312 TW, zoals weergegeven in onderdeel II.
Deze uitspraak is gedaan door M.S.E. Wulffraat-van Dijk als voorzitter en M.C. Bruning en F.J.L. Pennings als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M. Gunter als griffier, uitgesproken in het openbaar op 14 november 2007.
(get.) M.S.E. Wulffraat-van Dijk.
(get.) M. Gunter.
TM