ECLI:NL:CRVB:2007:BB8213
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- E. Dijt
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens onvoldoende medische en arbeidskundige onderbouwing
Appellant ontvangt sinds 1999 een WAO-uitkering vanwege ernstige eczeemklachten. In 2004 werd zijn uitkering herzien van 80-100% naar 25-35%, later bij bezwaar verhoogd naar 35-45%. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze herziening ongegrond.
In hoger beroep stelt appellant dat hij door eczeem en psychische klachten meer beperkt is dan het UWV aanneemt. Hij wijst op medisch bewijs van zijn huidarts en stelt dat de geselecteerde functies niet passend zijn. De Raad constateert dat het UWV-rapport onvoldoende rekening houdt met de ernstige handbeperkingen en dat de medische beoordeling niet volledig is gemotiveerd.
De Raad oordeelt dat het bestreden besluit onvoldoende medische en arbeidskundige grondslag heeft, met name door onduidelijkheid over handfuncties en de behandeling van psychische klachten. Het UWV moet een nieuw besluit nemen, waarbij ook de psychische klachten per 1 juni 2004 worden betrokken. De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen met een betere medische en arbeidskundige onderbouwing.