ECLI:NL:CRVB:2007:BB8657
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische beperkingen
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering te herzien op basis van een arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Na een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek stelde het UWV dat zij geschikt was voor energetisch niet te zware arbeid van maximaal 20 uur per week. De bezwaarverzekeringsarts bevestigde dit oordeel met enkele aanvullingen.
De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat onvoldoende medische gegevens waren ingebracht die het oordeel van de artsen konden weerleggen. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar beperkingen, met name in energetisch opzicht en handelingstempo, werden onderschat en overhandigde een verklaring van een slaap-waak specialist.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de medische gegevens en rapportages van de bezwaarverzekeringsarts voldoende waren om het bestreden besluit te ondersteunen. De verklaring van de slaap-waak specialist was onvoldoende actueel en specifiek om het oordeel te weerleggen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%.