ECLI:NL:CRVB:2007:BB9195
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van een WAO-uitkering per 13 januari 2001, omdat hij volgens het UWV minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank benoemde psychiater Van Eyk als onafhankelijke deskundige, die concludeerde dat de beperkingen van appellant juist waren vastgesteld en dat hij in staat was om de voorgelegde functies te verrichten.
Appellant voerde aan dat Van Eyk onzorgvuldig had onderzocht en dat er sprake was van een Post Traumatisch Stress Stoornis (PTSS), ondersteund door een psychiatrisch rapport van Van Marle en andere medische stukken. De Raad overwoog echter dat Van Marle een partijdeskundige was en niet door de Raad was ingeschakeld, en dat zijn onderzoek ruim zes jaar na de datum in geschil plaatsvond, waardoor het niet relevant was voor de situatie per 13 januari 2001.
De Raad volgde het oordeel van Van Eyk, dat zorgvuldig en consistent was gemotiveerd, en vond geen reden om daarvan af te wijken. Ook de verklaring van de partner van appellant en de overige medische stukken boden geen voldoende aanknopingspunten om het oordeel te wijzigen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.