ECLI:NL:CRVB:2007:BB9770
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing vergoeding zittend ziekenvervoer wegens ondeugdelijke motivering
Appellante vroeg vergoeding aan voor zittend ziekenvervoer naar twee centra op aanzienlijke afstand, gebruikmakend van taxi. Agis wees de aanvraag af op grond van de Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet en het daarbij behorende beleid, omdat appellante niet voldeed aan de criteria voor vergoeding, met name de frequentie van vervoer.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat het beleid van Agis binnen redelijke grenzen lag. In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat de rechtbank ten onrechte slechts een marginale toetsing toepaste en dat het besluit van Agis niet deugdelijk was gemotiveerd, in strijd met artikel 7:12 Awb Pro.
De Raad overwoog dat de situatie van appellante niet onder de Regeling of het beleid viel, maar dat bij toepassing van de hardheidsclausule alle individuele omstandigheden moeten worden meegewogen, zoals ziektelast, frequentie, mantelzorg en financiële draagkracht. Gezien de beschikbare mantelzorg, geringe frequentie en afwezigheid van ernstige ziektelast vond de Raad geen aanleiding voor toepassing van de hardheidsclausule.
De Raad vernietigde het besluit van 15 december 2004 wegens ondeugdelijke motivering, verklaarde het beroep gegrond, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven. Tevens werd appellante het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit van afwijzing van vergoeding voor zittend ziekenvervoer wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.