ECLI:NL:CRVB:2007:BC0379
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- T. Hoogenboom
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verschuiving einddatum loongerelateerde WW-uitkering na arbeidsongeschiktheid
Appellant had een loongerelateerde WW-uitkering toegekend gekregen met ingang van 8 maart 1999 tot en met 7 maart 2003. Het UWV had de einddatum van deze uitkering met 617 dagen verschoven tot 13 november 2004 vanwege periodes van arbeidsongeschiktheid en ontvangen Ziektewetuitkeringen. Appellant maakte bezwaar tegen deze verschuiving en stelde dat de uitkering pas vanaf 3 januari 2000 rechtsgeldig was toegekend en dat de UWV onvolledige gegevens had gebruikt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde vast dat de verschuiving van de einddatum terecht was vastgesteld op basis van de juiste data. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het besluit van 25 maart 1999, waarbij de uitkering met ingang van 8 maart 1999 werd toegekend, als gegeven moet worden beschouwd en dat de UWV dit terecht als uitgangspunt heeft genomen.
Verder oordeelde de Raad dat de periode van Ziektewetuitkering vóór de ingangsdatum van de WW-uitkering niet mag worden meegeteld voor de verschuiving van de einddatum. De aangevoerde grieven van appellant konden daarom niet worden gevolgd. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De einddatum van de loongerelateerde WW-uitkering is terecht met 617 dagen verschoven en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.