ECLI:NL:CRVB:2007:BC1594
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens niet tijdig verstrekken gegevens
Appellant ontving bijstand als alleenstaande ouder en werd verplicht maandelijks een overzicht van werkzaamheden en gewerkte uren te verstrekken. Na het niet tijdig aanleveren van deze gegevens over november 2005, schortte het College de bijstand op en nodigde appellant uit voor een gesprek om het verzuim te herstellen. Appellant verscheen niet en leverde slechts gedeeltelijk ingevulde overzichten in.
Het College besloot daarop de bijstand met terugwerkende kracht per 16 december 2005 in te trekken wegens het niet binnen de hersteltermijn verstrekken van de gevraagde gegevens. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat de gevraagde gegevens essentieel waren voor de beoordeling van het recht op bijstand en dat appellant verwijtbaar heeft verzuimd deze tijdig te verstrekken. De stelling van appellant dat hij afhankelijk was van zijn werkgever en daardoor niet eerder kon beschikken over de gegevens, werd niet gevolgd. De Raad concludeerde dat het College bevoegd was tot intrekking en dat het besluit in redelijkheid genomen was.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens het niet tijdig verstrekken van gegevens wordt bevestigd.