ECLI:NL:CRVB:2007:BC1727
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Vergoeding van proceskosten bij beroepsmatig verleende rechtsbijstand in sociale zekerheidszaak
Appellante maakte bezwaar tegen de afwijzing van haar verzoek om bijzondere bijstand voor de kosten van griffierecht door het College van burgemeester en wethouders van Leeuwarden. De voorzieningenrechter had dit bezwaar gegrond verklaard vanwege niet tijdig beslissen, maar wees een proceskostenvergoeding af omdat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat sprake was van beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
In hoger beroep heeft appellante aanvullende stukken overgelegd waaruit blijkt dat de rechtsbijstand verleend werd door Ard Juris, een onderneming die zich richt op juridisch advies en procesbijstand op sociaal zekerheidsrechtelijk terrein, waarvoor kosten in rekening worden gebracht. De Raad oordeelt dat dit voldoet aan het criterium van een duurzame, op het vergaren van inkomen gerichte taakuitoefening.
De Raad vernietigt daarom het oordeel van de voorzieningenrechter en veroordeelt het College tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van appellante in hoger beroep. De vergoeding wordt vastgesteld op basis van een gewichtsfactor van 0,25, passend bij een beroep wegens niet tijdig beslissen.
Het College moet het griffierecht van €105,- vergoeden en daarnaast een proceskostenvergoeding van €241,50 betalen aan appellante. Hiermee wordt de procedurekostenvergoeding toegekend die de voorzieningenrechter had geweigerd.
Uitkomst: Het College van burgemeester en wethouders wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten aan appellante.