ECLI:NL:CRVB:2008:BC2910
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding wegens ontbreken beroepsmatige rechtsbijstand
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor langdurigheidstoeslag over 2003 door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage. Nadat het College alsnog de toeslag toekende, trok appellant het hoger beroep in en verzocht om veroordeling van het College in de proceskosten op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat een vergoeding van proceskosten alleen kan worden toegekend indien sprake is van beroepsmatig verleende rechtsbijstand, wat betekent dat niet slechts incidenteel rechtshulp wordt verleend. Uit het onderzoek bleek dat de gemachtigde van appellant sinds 2004 slechts aan twee personen rechtsbijstand had verleend, waaronder appellant zelf.
Hieruit concludeerde de Raad dat niet kon worden gesproken van een patroon van beroepsmatige rechtsbijstand. Daarom was er geen grond voor een veroordeling van het College in de proceskosten van appellant. Het verzoek werd dan ook afgewezen.
De uitspraak werd gedaan door Th.C. van Sloten op 8 januari 2008, in aanwezigheid van griffier L. Jörg.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens het ontbreken van beroepsmatige rechtsbijstand.