ECLI:NL:CRVB:2008:BC4448
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C.M. van Laar
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens urenbeperking bij RSI-klachten
Appellante, werkzaam als directiesecretaresse, viel uit wegens RSI-klachten en ontving een WAO-uitkering met een urenbeperking van 20 uur per week. Na een korte werkhervatting viel zij opnieuw uit en werd haar uitkering herzien naar een hogere mate van arbeidsongeschiktheid zonder urenbeperking.
Diverse medische rapportages, waaronder van bezwaarverzekeringsartsen en revalidatieartsen, verschilden van mening over de noodzaak van een urenbeperking. De bezwaarverzekeringsarts stelde dat urenbeperking anti-revaliderend zou zijn, terwijl de revalidatiearts juist een beperking van 20 uur per week adviseerde.
De Raad schakelde een onafhankelijke deskundige in die bevestigde dat een urenbeperking van maximaal 20 uur per week medisch noodzakelijk is. De Raad concludeerde dat het UWV ten onrechte de pogingen van appellante tot uitbreiding van haar werkuren negeerde en dat het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende onderbouwd was.
Daarom vernietigde de Raad het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en de urenbeperking van maximaal 20 uur per week wordt erkend.