ECLI:NL:CRVB:2003:BB7455
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAZ-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de intrekking van haar WAZ-uitkering door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), omdat zij volgens het besluit minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank Roermond heeft het bezwaar van appellante ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de uitkering bevestigd.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep de overwegingen van de rechtbank onderschreven. De Raad heeft geoordeeld dat de bezwaarverzekeringsarts terecht is afgeweken van het oordeel van de klinisch psycholoog en dat deze afwijking voldoende is gemotiveerd. Tevens is vastgesteld dat de schatting van de belastbaarheid van appellante in de drie beoordeelde functies niet leidt tot ontoelaatbare overschrijdingen van haar mogelijkheden.
De Raad heeft ook gewezen op de Standaard "Verminderde Arbeidsduur" waarin de mogelijke anti-revaliderende werking van een urenbeperking wordt erkend. De functies waarin appellante werkzaam zou zijn, kenmerken zich niet door aanmerkelijke tijdsdruk of dwingend tempo. De Centrale Raad van Beroep heeft daarom de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd en ziet geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De intrekking van de WAZ-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.