ECLI:NL:CRVB:2008:BC4721
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering na niet-naleving oproep
Verzoeker ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College van burgemeester en wethouders van Amersfoort had de bijstand opgeschort en later ingetrokken omdat verzoeker niet was verschenen op oproepen voor heronderzoeksgesprekken op 27 juni en 12 juli 2007. Verzoeker voerde bezwaar aan tegen deze besluiten, maar deze werden ongegrond verklaard door het College en de voorzieningenrechter van de rechtbank Utrecht.
Verzoeker stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter van de Raad oordeelde dat het mandaatbesluit van het College rechtsgeldig was en dat de besluiten op bezwaar bevoegdelijk waren genomen. Ook werd geoordeeld dat het College bevoegd was om de bijstand op te schorten en in te trekken wegens het niet verschijnen van verzoeker, en dat het College de terugvordering van ten onrechte ontvangen bijstand terecht had ingesteld.
De voorzieningenrechter verwierp de bezwaren van verzoeker tegen de aanwezigheid van een specifieke ambtenaar bij de gesprekken en concludeerde dat er geen sprake was van een onrechtmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. Het verzoek om voorlopige voorziening en om schadevergoeding werden afgewezen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstand worden bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening en schadevergoeding afgewezen.