ECLI:NL:CRVB:2008:BC5033
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- H.R. Geerling-Brouwer
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorziening persoonlijke verzorging wegens geen verband met vervolging
Appellante, een vervolgingsslachtoffer uit de Tweede Wereldoorlog, had een aanvraag ingediend voor vergoeding van kosten voor persoonlijke verzorging. De verweerster, de Pensioen- en Uitkeringsraad, wees deze aanvraag af omdat de gevraagde voorziening niet medisch noodzakelijk werd geacht in verband met de uit de vervolging voortvloeiende aandoeningen.
De Raad overwoog dat de persoonlijke verzorgingstekorten bij appellante het gevolg waren van een cerebrovasculair accident (CVA) dat geen verband hield met de vervolging. Dit standpunt werd ondersteund door een medische verklaring van de huisarts. Verder waren er geen medische gegevens die een ander verband aannemelijk maakten.
Appellante had ook bezwaar gemaakt tegen het uitblijven van een beslissing op haar aanvraag, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat inmiddels inhoudelijk op de aanvraag was beslist. De Raad zag geen grond voor vergoeding van proceskosten en verklaarde de beroepen ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de voorziening voor persoonlijke verzorging blijft gehandhaafd.