ECLI:NL:CRVB:2008:BC5080
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Leeuwarden, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht van €106 niet binnen de gestelde termijn van vier weken was betaald. Appellante maakte in het verzet bezwaar tegen deze niet-ontvankelijkverklaring, stellende dat zij niet in verzuim was geweest vanwege betalingsonmacht.
De Raad overwoog dat appellante geen tijdig verzoek om uitstel van betaling had gedaan en ook geen gebruik had gemaakt van de mogelijkheid om bijzondere bijstand aan te vragen voor het griffierecht. Het beroep op onvermogen werd pas in het verzet gedaan, wat te laat was. Er waren geen aanwijzingen dat het verzuim niet aan appellante kon worden toegerekend.
Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door J.J.A. Kooijman, in aanwezigheid van griffier L. Jörg, op 22 januari 2008.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet tijdige betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.