ECLI:NL:CRVB:2008:BC5187
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzet wegens termijnoverschrijding in WWB-zaak
In deze zaak heeft appellante hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage in een WWB-zaak. De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding bij het indienen van het verzetschrift.
De termijn voor het indienen van een verzetschrift bedraagt zes weken en gaat in de dag na verzending van de uitspraak. In deze zaak begon de termijn op 27 juli 2007 en eindigde op 6 september 2007. Het verzetschrift werd echter pas op 11 oktober 2007 ontvangen, ruim na de termijn.
Appellante voerde aan dat de gemachtigde wegens een overmachtsituatie in Spanje was, maar de Raad achtte dit niet voldoende om het verzuim te rechtvaardigen. Volgens vaste rechtspraak worden fouten van een gemachtigde toegerekend aan de cliënt. Daarom werd het verzet niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter G.A.J. van den Hurk, in aanwezigheid van griffier W. Altenaar, op 5 februari 2008.
Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn zonder verschoonbare redenen.