ECLI:NL:CRVB:2008:BC5293
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en noodzaak medisch onderzoek in Nederland
Appellante, sinds 1984 woonachtig in Marokko, kreeg een WAO-uitkering toegekend wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Het UWV trok deze uitkering per 12 februari 2003 in, omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% zou bedragen, gebaseerd op medische rapportages van artsen die haar in Marokko onderzochten en een verzekeringsarts in Nederland.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de Marokkaanse rapportages betrouwbaar waren en het UWV deze mocht gebruiken. Appellante stelde in hoger beroep dat het onderzoek in Nederland noodzakelijk was en betwistte de bevindingen.
De Raad oordeelt dat het bestreden besluit niet standhoudt omdat het UWV het standpunt niet langer onderschrijft en dat het verzoek tot herroeping van het oorspronkelijke besluit van 13 augustus 2002 thans niet toewijsbaar is vanwege noodzakelijke nadere besluitvorming. De Raad beveelt een nieuw medisch onderzoek in Nederland aan en veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten en gemaakte rapportagekosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen na medisch onderzoek in Nederland.