ECLI:NL:CRVB:2008:BC5495
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks psychische klachten appellant
Appellant stelde hoger beroep in tegen het besluit van het UWV waarin zijn WAO-uitkering werd herzien van 80-100% naar 35-45% arbeidsongeschiktheid. Hij voerde aan dat het medisch onderzoek onvoldoende rekening hield met zijn psychische klachten, onderbouwd met brieven van zijn huisarts en psychiater.
De Raad overwoog dat de bezwaarverzekeringsartsen adequaat hadden gereageerd op deze medische gegevens en dat deze onvoldoende aanknopingspunten boden om het oordeel over de arbeidsongeschiktheid te wijzigen. Er waren geen objectieve medische gegevens overgelegd die een ander oordeel rechtvaardigden.
De Raad stelde vast dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de vastgestelde beperkingen binnen de grenzen van de belastbaarheid vielen. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De uitspraak werd gedaan door voorzitter Janssen en leden Doornewaard en Hilhorst-Hagen op 22 februari 2008, in aanwezigheid van griffier Sonderegger.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.