ECLI:NL:CRVB:2008:BC5684
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens onbevoegdheid appellant en niet tijdig herstel
De Staatssecretaris van Defensie stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank die een inhouding op het salaris van betrokkene vernietigde. De commandant Luchtstrijdkrachten had het bezwaar van betrokkene tegen de inhouding ongegrond verklaard. In hoger beroep werd aangevoerd dat het hoger beroep abusievelijk door de Staatssecretaris was ingesteld, terwijl de commandant bevoegd was.
De Raad overwoog dat de Staatssecretaris geen procespartij was in eerste aanleg en niet bevoegd was tot het instellen van hoger beroep. De commandant probeerde het gebrek te herstellen door zich alsnog als appellant te stellen, maar dit gebeurde na het verstrijken van de wettelijke termijn. Volgens vaste jurisprudentie moet de identiteit van de appellant vóór het verstrijken van de termijn bekend zijn.
Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen aanleiding gezien om af te wijken van deze regel. De uitspraak werd gedaan door H.A.A.G. Vermeulen en de Staat der Nederlanden werd een griffierecht opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Staatssecretaris van Defensie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onbevoegdheid en niet tijdig herstel van het gebrek.