ECLI:NL:CRVB:2008:BC5924
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- R.L. Rijnen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken rechtens relevant belang bij beoordeling vergoeding nota’s
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Groningen waarin het beroep ongegrond werd verklaard. Het geschil betrof de weigering van Menzis om vijftien nota’s, waaronder een nota van 14 december 1999, te vergoeden op grond van een termijn van vijf jaar voor indiening.
De rechtbank oordeelde dat het beginsel van rechtszekerheid het mogelijk maakt een termijn van vijf jaar te hanteren waarbinnen aanspraken moeten worden ingediend. Appellant voerde aan dat hem gezien zijn specifieke situatie deze termijn niet tegengeworpen kon worden. Menzis stelde dat de betreffende nota inmiddels wel vergoed was.
De Raad overwoog ambtshalve dat procesbelang vereist is om het hoger beroep ontvankelijk te verklaren. Nu de nota waar het hoger beroep op gericht was al was vergoed, kon appellant geen gunstiger resultaat meer bereiken. Ook het belang bij een principiële rechtsvraag werd onvoldoende geacht.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een rechtens relevant belang.