ECLI:NL:CRVB:2008:BC7406
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.C. Bruning
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Beoordeling functiewaardering groepschef Parketpolitie op schaal 7 is niet onhoudbaar
Appellant was sinds 1999 werkzaam als coördinator/wachtcommandant bij het bureau Parketpolitie, later benoemd tot groepschef Parketpolitie, ingeschaald in salarisschaal 7 van het Besluit bezoldiging politie (Bbp). Na functiewaardering handhaafde de korpsbeheerder deze indeling bij besluit van 4 augustus 2004, bevestigd bij besluit op bezwaar van 17 januari 2005.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep staat centraal of de waardering terecht is gebaseerd op de referentiefunctie groepschef Parketwachters A (schaal 7) dan wel op de zwaardere referentiefunctie groepschef Parketwachters B (schaal 8). De Raad stelt dat de rechterlijke toetsing terughoudend moet zijn en vernietiging alleen mogelijk is indien de waardering onhoudbaar is.
De Raad oordeelt dat ondanks dat het referentiemateriaal sinds 1991 niet is geactualiseerd en het onderscheid tussen de referentiefuncties in de praktijk niet meer bestaat, de korpsbeheerder dit materiaal terecht heeft gebruikt. Appellant gaf leiding aan maximaal 11 parketwachters, wat past bij de schaal 7-criterium van circa 10 parketwachters, maar niet bij schaal 8 dat circa 15 vereist. Ook de beheersmatige verantwoordelijkheden van appellant overstijgen niet het niveau van schaal 7.
De Raad concludeert dat de waardering op schaal 7 niet onhoudbaar is en wijst het hoger beroep af. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Almelo wordt bevestigd en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De waardering van de functie van groepschef Parketpolitie op schaal 7 van het Besluit bezoldiging politie wordt bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.