ECLI:NL:CRVB:2008:BC8116
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAZ-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na overvallen
Appellante heeft op 1 mei 1999 een WAZ-uitkering aangevraagd vanwege psychische klachten na vier overvallen op haar sigarenwinkel binnen zes jaar. Het UWV heeft haar aanvraag afgewezen omdat zij volgens hun beoordeling minder dan 25% arbeidsongeschikt was vanaf 3 februari 2000. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
Appellante stelde dat zij door een posttraumatische stressstoornis (PTSS) volledig arbeidsongeschikt was sinds de laatste overval op 4 februari 1999. Zij overlegde diverse medische rapportages ter onderbouwing. De Raad oordeelde echter dat er geen rechtstreeks verband bestond tussen de diagnose PTSS en volledige arbeidsongeschiktheid. De bezwaarverzekeringsarts onderschreef dit standpunt.
Daarnaast stelde appellante dat de maatman (aantal uren) onjuist was vastgesteld en dat het UWV niet adequaat rekening had gehouden met haar beperkingen bij de geschiktheid van functies. De Raad stelde vast dat de functies die het UWV als passend had aangemerkt, in voldoende mate beschikbaar waren voor 30 uur per week en dat de maatman correct was vastgesteld. Ook het langdurig uitblijven van een primaire beslissing gaf geen grond voor toekenning van een volledige uitkering. De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WAZ-uitkering wordt bevestigd.