ECLI:NL:CRVB:2008:BC9255
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- K. Zeilemaker
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Herroeping terugvordering bijstandsuitkering wegens ontslagvergoeding
Appellant werd op 19 april 2002 op staande voet ontslagen en ontving sindsdien een bijstandsuitkering. Na een gerechtelijke procedure ontving appellant in januari 2005 een ontslagvergoeding van €12.500 bruto, waarvan €8.200 netto was betaald. Het College van burgemeester en wethouders van Coevorden herzag daarop de bijstand over de periode 19 april 2002 tot 31 december 2002 en besloot tot terugvordering van €7.340,81 bruto.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat de vergoeding als inkomen moest worden toegerekend aan de periode van 2002 en dat het College bevoegd was de bijstand over die periode in te trekken. Echter, de Raad stelde vast dat het College onredelijk gebruik had gemaakt van de bevoegdheid tot bruto-terugvordering, omdat appellant geen verwijt treft en de vordering niet tijdig kon worden voldaan.
De Centrale Raad van Beroep vernietigde het besluit van 7 december 2005 en herroept het besluit van 23 juni 2005 voor zover het de terugvordering betreft. De terugvordering wordt vastgesteld op een netto bedrag van €5.956,80. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten van appellant en bepaalde vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: De terugvordering van bijstand wordt herroepen en vastgesteld op een netto bedrag van €5.956,80.