ECLI:NL:CRVB:2008:BC9429
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende medische grondslag
Betrokkene, laatst werkzaam als tuinbouwmedewerkster, meldde zich ziek met psychische klachten tijdens een WW-uitkering. Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, weigerde haar een WAO-uitkering toe te kennen omdat zij volgens hen nog in staat was tot het verrichten van functies met minder dan 15% verlies aan verdiencapaciteit. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, waarbij appellant werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Appellant stelde hoger beroep in en voerde aan dat in de functionele mogelijkhedenlijst (FML) rekening was gehouden met de beperkingen, ondersteund door een rapport van een bezwaarverzekeringsarts. De Raad sloot zich echter aan bij het onafhankelijke deskundigenrapport van psychiater Van Marle, die concludeerde dat de wegrakingen psychogene aanvallen zijn en dat de arbeidsbeperkingen van betrokkene op meerdere punten moeten worden bijgesteld.
De Raad wees de door appellant ingediende aanvullende stukken vanwege omvang en termijn niet toe en oordeelde dat het eerdere besluit onvoldoende medische grondslag had. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en appellant werd veroordeeld in de proceskosten en griffierecht. Hiermee blijft de weigering van de WAO-uitkering onrechtmatig verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit en wijst het hoger beroep van het UWV af.