ECLI:NL:CRVB:2008:BC9529
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van UWV-besluit inzake WAO-schatting ondanks medische bezwaren appellant
Appellant stelde in hoger beroep dat het UWV-besluit van 2 december 2005, waarbij zijn arbeidsongeschiktheid volgens de WAO werd vastgesteld, onjuist was vanwege medische klachten en een aangeboren rugafwijking.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het onderzoek van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig was. De door appellant overgelegde medische informatie van onder meer Instituut Psychosofia, orthopedisch chirurg, internist, huisarts, arbo-arts, radioloog en cardioloog gaf geen aanleiding tot twijfel aan de juistheid van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De Centrale Raad van Beroep sloot zich aan bij het oordeel van de rechtbank en benadrukte dat de aanvullende medische gegevens geen objectieve feiten bevatten die tot meer beperkingen zouden moeten leiden dan reeds door de verzekeringsarts waren aangenomen. Ook het verweer dat de rechtbank onvoldoende gemotiveerd en niet objectief zou zijn, werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit bevestigd.