ECLI:NL:CRVB:2008:BD0139
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Toekenning WAO-uitkering en beoordeling arbeidsongeschiktheid met opleidingseis
Betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Rotterdam inzake de weigering van ziekengeld en de vaststelling van zijn mate van arbeidsongeschiktheid. De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek heropend en aanvullende medische adviezen ingewonnen.
De Raad oordeelt dat betrokkene op de relevante data geschikt was voor ten minste één van de functies die in het kader van de WAO-beoordeling waren geselecteerd, ondanks betwistingen over de geschiktheid van bepaalde functies en de opleidingseis voor de functie van verkooptelefonist. De Raad stelt vast dat betrokkene voldoet aan de opleidingseis op het moment van de beoordeling.
De Raad bevestigt dat betrokkene op 15 mei 2004 en 19 mei 2005 niet ongeschikt was voor arbeid zoals bedoeld in de Ziektewet, omdat hij geschikt was voor ten minste één van de WAO-functies. Het beroep tegen de weigering van ziekengeld wordt daarom ongegrond verklaard. Het beroep tegen het UWV-besluit van 31 augustus 2005 wordt eveneens ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van ziekengeld wordt ongegrond verklaard en betrokkene krijgt een WAO-uitkering toegekend met een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%.