ECLI:NL:CRVB:2008:BD0192
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid in herzieningsverzoek WWB afgewezen
Appellante heeft een verzoek tot herziening ingediend tegen een uitspraak van de Raad van 3 april 2007 in een WWB-zaak. Dit verzoek werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was voldaan.
Appellante maakte bezwaar tegen deze niet-ontvankelijkverklaring door middel van verzet, stellende dat de oorspronkelijke uitspraak niet rechtsgeldig was en dat daarom geen nieuw griffierecht verschuldigd zou zijn. De Raad oordeelde dat de oorspronkelijke uitspraak geldig was en dat het herzieningsverzoek een nieuwe procedure betreft waarvoor griffierecht is verschuldigd.
Omdat het griffierecht niet betaald was en appellante niet in verzuimvrijstelling kon worden gesteld, bleef het verzoek om herziening niet-ontvankelijk. Het verzet tegen deze beslissing werd daarom ongegrond verklaard. Er werden geen proceskosten aan appellante opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het herzieningsverzoek wordt ongegrond verklaard.