ECLI:NL:CRVB:2008:BD0980
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag nieuwe krediethypotheek en intrekking bijstand na erfenis
Appellant, eigenaar van zijn woning, ontving sinds 1996 bijstand, deels als lening onder hypotheekrecht. Na ontvangst van een erfenis trok het College van B&W Utrecht de bijstand over bepaalde periodes in en vorderde een bedrag van €22.128,01 terug. Tevens wees het College het verzoek van appellant af om opnieuw bijstand te verstrekken in de vorm van een lening onder een krediethypotheek.
Appellant stelde dat hij een lening nodig had vanwege terugvordering en een familielening. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het vestigen van een hypotheek bij een reguliere bank niet mogelijk was. De rechtbank en Raad vonden dat appellant eerst een reguliere hypotheek moest proberen, mede gelet op de overwaarde van zijn woning en zijn gezondheidstoestand.
Appellant klaagde over de duur van de procedure en eiste schadevergoeding wegens vermeende schending van de redelijke termijn en immateriële schade door een hersenbloeding. De Raad verwierp deze claims omdat de procedureduur niet onredelijk was en er geen onrechtmatigheid van het besluit was vastgesteld.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een nieuwe krediethypotheek en schadevergoeding wordt afgewezen en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.