ECLI:NL:CRVB:2008:BD1041
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- K. Zeilemaker
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake uitstelverzoek en vergoeding wettelijke rente bij bijstandsuitkering
Appellant maakte bezwaar tegen het niet tijdig uitkeren van vakantietoeslag en bijstand in 2003 en verzocht om vergoeding van wettelijke rente en kosten van bezwaar. Het College verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en kende een beperkte wettelijke rentevergoeding toe. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit van het College niet-ontvankelijk vanwege gebrek aan belang.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep en verzocht om uitstel van de zitting wegens het ontbreken van middelen voor reiskosten. Dit verzoek werd afgewezen omdat geen uitzonderlijke omstandigheden waren aangetoond. De Raad ging niet in op de grief over de berekening van de wettelijke rente omdat de rechtbank het bezwaar aan het bevoegde orgaan had doorgezonden.
Verder oordeelde de Raad dat de rechtbank terecht geen kostenveroordeling had uitgesproken omdat de gevraagde kosten niet voor vergoeding in aanmerking kwamen volgens de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.