ECLI:NL:CRVB:2008:BD1597
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- B.J. van der Net
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens niet tijdig indienen jaarloonopgave 2003 door vereniging
De zaak betreft het hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Zutphen die een boete wegens het niet tijdig indienen van de jaarloonopgave 2003 aan een gymnastiekvereniging had vernietigd. De vereniging stelde dat de jaarloonopgave digitaal op tijd was verzonden, maar kon dit niet concreet aantonen. Appellant ontving de opgave niet en stuurde twee rappellen zonder adequate reactie.
De rechtbank oordeelde dat het niet duidelijk was dat de opgave niet tijdig was ontvangen en dat appellant onzorgvuldig had gehandeld door zonder nader onderzoek een boete op te leggen. In hoger beroep benadrukte appellant dat zijn onderzoeksplicht beperkt is tot het raadplegen van eigen administratie.
De Raad oordeelde dat het niet tijdig indienen van de jaarloonopgave een ernstige nalatigheid is en dat appellant terecht twee keer had gerappelleerd. De vereniging slaagde er niet in tijdige indiening aannemelijk te maken. De Raad bevestigde dat appellant geen verdergaande onderzoeksplicht heeft dan het raadplegen van eigen administratie.
Hierdoor werd het bestreden boetebesluit gehandhaafd, de aangevallen uitspraak vernietigd en het beroep ongegrond verklaard. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De boete wegens het niet tijdig indienen van de jaarloonopgave 2003 wordt bevestigd en het beroep van de vereniging ongegrond verklaard.