ECLI:NL:CRVB:2008:BD2465
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten en wettelijke rente na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch inzake een geschil met het UWV over een uitkeringsbesluit. Tijdens de procedure nam het UWV een nieuw besluit op bezwaar waarin het bezwaar van appellante geheel werd gehonoreerd, waarna appellante het hoger beroep introk.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV, vanwege de volledige tegemoetkoming, veroordeeld kon worden tot vergoeding van de proceskosten die appellante in hoger beroep had gemaakt. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot betaling van de wettelijke rente over de nabetaling van de uitkering, met ingang van 1 juni 2005.
De Raad verwees voor de berekening van de rente naar eerdere jurisprudentie en wees erop dat appellante zich rechtstreeks tot het UWV kan wenden voor vergoeding van het griffierecht, indien dat niet reeds spontaan is vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter C.P.J. Goorden op 14 mei 2008.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en wettelijke rente over de nabetaling.