ECLI:NL:CRVB:2008:BD2486
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging recht op Toeslagenwet-uitkering na bereiken 65 jaar
Betrokkene, geboren op 26 juni 1938, ontving een WAO-uitkering aangevuld met een toeslag op grond van de Toeslagenwet (TW) terwijl hij in Turkije verbleef. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) had de toeslag afgebouwd vanwege het langdurige verblijf in het buitenland, wat betrokkene betwistte. Eerder had de Raad de afbouw van de toeslag wegens het verblijf in Turkije onrechtmatig verklaard op grond van ILO-conventie 118.
In 2003 beëindigde het Uwv de toeslag per 1 juli 2003, omdat betrokkene op 26 juni 2003 de leeftijd van 65 jaar bereikte en daarmee niet langer voldeed aan de voorwaarden voor een WAO-uitkering en dus ook geen recht meer had op een toeslag op grond van de TW. Betrokkene maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het Uwv werd afgewezen. De rechtbank vernietigde dit besluit echter.
In hoger beroep stelt het Uwv dat betrokkene vanaf 1 juni 2003 geen recht meer had op de toeslag vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat dit standpunt juist is en vernietigt de eerdere uitspraak van de rechtbank. Het beroep tegen het besluit van het Uwv wordt ongegrond verklaard, waarmee het recht op toeslag per 1 juli 2003 komt te vervallen.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beëindiging van de toeslag wordt ongegrond verklaard en het recht op toeslag vervalt per 1 juli 2003.