ECLI:NL:CRVB:2008:BD2492
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verlaging WAO-uitkering wegens onzorgvuldige motivering
Appellant, woonachtig in Duitsland en voormalig monteur, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering toegekend wegens arbeidsongeschiktheid. Het UWV herzag deze uitkering en stelde de mate van arbeidsongeschiktheid aanzienlijk lager vast op basis van medische en arbeidskundige beoordelingen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond, waarna het UWV in hoger beroep ging. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV voldoende rekening had gehouden met de beperkingen van appellant, maar dat het bestreden besluit niet deugdelijke toelichting en motivering bevatte, waardoor toetsing onvoldoende mogelijk was.
De Raad vernietigde het besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Awb, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand op grond van artikel 8:72 Awb Pro. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot verlaging van de WAO-uitkering wordt vernietigd wegens onzorgvuldige motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.