ECLI:NL:CRVB:2008:BD3360
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.C. Bruning
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek uitbetaling piketuren als overwerkuren
Appellant was van juni 2003 tot januari 2005 in tijdelijke dienst als ambulancechauffeur bij de GGD Zuidoost-Brabant. Tijdens zijn dienstverband ontving hij een piketvergoeding voor de uren in piketdienst en overwerkvergoeding voor daadwerkelijk gewerkte uren tijdens die dienst. Na beëindiging van zijn dienstverband verzocht appellant het dagelijks bestuur om alle piketuren als overwerkuren uit te betalen, omdat hij tijdens piketdienst niet thuis maar op de standplaats van de ambulance aanwezig moest zijn vanwege de afstand tot zijn woonplaats.
Het dagelijks bestuur wees dit verzoek af omdat appellant tegen de salarisspecificaties waarin de piketvergoeding was vermeld nooit bezwaar had gemaakt, waardoor deze besluiten rechtens onaantastbaar waren geworden. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep onderschrijft de Raad dit oordeel en benadrukt dat tegen salarisbesluiten bezwaar en beroep mogelijk zijn zolang deze niet onherroepelijk zijn geworden.
De Raad overweegt dat appellant geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die het terugkomen van eerdere besluiten rechtvaardigen. Zijn onwetendheid over de ambtelijke regelgeving en veronderstelling dat loonvorderingen ook na beëindiging van de dienstbetrekking mogelijk zijn, zijn voor zijn eigen risico. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de afwijzing van het verzoek tot uitbetaling van piketuren als overwerkuren bevestigd.