ECLI:NL:CRVB:2008:BD3361
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.G. Treffers
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens verstoorde arbeidsverhoudingen met aanspraak op ontslaguitkering
Appellant was werkzaam bij de Sociale Dienst van de gemeente Amsterdam en uitte in 1999 ernstige kritiek op de organisatie en leiding. Dit leidde tot een verstoorde arbeidsrelatie, waarna appellant vanaf 2000 op een andere locatie werd geplaatst. Na mislukte pogingen tot minnelijke beëindiging verleende het college in 2002 ontslag op grond van artikel 1122, eerste lid, aanhef en onder d, van het Ambtenarenreglement Amsterdam (ARA).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het ontslagbesluit ongegrond, stellende dat terugkeer naar de oude werkplek niet mogelijk was en de situatie uitzichtloos was. In hoger beroep bevestigt de Raad deze beoordeling, maar oordeelt dat het ontslag gepaard moet gaan met een garantie op een ontslaguitkering gelijk aan het totaal van WW- en bovenwettelijke uitkeringen.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit voor zover het geen ontslaguitkering garandeert en bepaalt dat appellant aanspraak heeft op een dergelijke uitkering. Een verdergaande financiële compensatie wordt afgewezen vanwege de houding van appellant. Het college wordt veroordeeld in de proceskosten en dient het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd voor zover geen garantie op ontslaguitkering is toegekend en een dergelijke garantie wordt aan het ontslag verbonden.