ECLI:NL:CRVB:2008:BD3470
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H.G. Rottier
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WAO-uitkering en belastbaarheid na gezondheidsklachten schoonmaakster
Appellante, werkzaam als schoonmaakster/inpakster, viel in december 2003 uit wegens gezondheidsklachten. Het UWV weigerde aanvankelijk een WAO-uitkering toe te kennen vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na bezwaar werd de mate van arbeidsongeschiktheid bijgesteld tot 55-65%, waarna een uitkering werd toegekend.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij meer beperkingen had en de voorgestelde functies niet kon vervullen. De Raad overwoog dat het UWV voldoende medische en arbeidskundige gegevens had betrokken, waaronder informatie van behandelende medici en een psychiatrisch verpleegkundige. De medische onderbouwing van de klachten was echter niet volledig, en een psychiatrische rapportage ontbrak.
De Raad concludeerde dat de belastbaarheid juist was vastgesteld en dat appellante de geduide functies, waaronder die van productiemedewerker kartonnage, kon vervullen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.