ECLI:NL:CRVB:2008:BD3575

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
30 mei 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07-1316 WAO
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Herziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:88 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek om herziening op grond van evidente onjuistheid en foutieve uitleg jurisprudentie

Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak op grond van evidente onjuistheid en foutieve uitleg van de eigen jurisprudentie. Zij stelde dat haar aanspraken niet naar behoren waren erkend en overhandigde een aanvullend verzoekschrift met een medisch stuk van het Instituut Psychosofia.

De Raad overwoog dat een hernieuwde discussie over de zaak slechts mogelijk is indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden zoals bedoeld in artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Bij onderzoek van het aanvullende verzoekschrift en het medisch stuk kon de Raad geen nieuwe feiten of omstandigheden ontdekken.

Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 30 mei 2008.

Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.

Uitspraak

07/1316 WAO
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
op het verzoek om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 15 december 2006, 04/5940 WAO, in het geding tussen:
[Verzoekster] (hierna: verzoekster),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)
Datum uitspraak: 30 mei 2008
I. PROCESVERLOOP
Mr. W.C. de Jonge, advocaat te Vlaardingen, heeft namens verzoekster verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 15 december 2006, 04/5940 WAO.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 april 2008.
Mr. De Jonge is verschenen voor verzoekster.
Het Uwv was vertegenwoordigd door drs. P.F.G. Hermans.
II. OVERWEGINGEN
1. Verzoekster heeft verzocht om "herziening op grond van evidente onjuistheid en foutieve uitleg van de eigen jurisprudentie". Verzoekster is van mening dat haar aanspraken bij de bestreden uitspraak niet naar behoren zijn erkend. De gronden van het verzoek zijn uiteengezet in het aanvullende verzoekschrift van 22 mei 2007 en het daarbij overgelegde stuk van Instituut Psychosofia van 28 maart 2007 (medische adstructie a5).
2.1. De Raad overweegt dat de door de gemachtigde van verzoekster gewenste hernieuwde discussie over de betrokken zaak en de juistheid van de bestreden uitspraak niet kan worden gevoerd, tenzij sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.2. De Raad heeft echter noch in het aanvullende verzoekschrift noch in het stuk van Instituut Psychosofia enig nieuw feit of enige nieuwe omstandigheid als bedoeld in artikel 8:88 van Pro de Awb kunnen ontwaren. Daarom dient het verzoek om herziening te worden afgewezen.
3. Er zijn geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Wijst het verzoek om herziening af.
Deze uitspraak is gedaan door J. Janssen als voorzitter en G.J.H. Doornewaard en J. Brand als leden.
De beslissing is, in tegenwoordigheid van M.W.A. Schimmel als griffier, uitgesproken in het openbaar op 30 mei 2008.
(get.) J. Janssen.
(get.) M.W.A. Schimmel.
TM