ECLI:NL:CRVB:2008:BD3753
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning moeder als verzetsdeelneemster voor buitengewoon pensioen
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad waarin zijn verzoek om erkenning van zijn moeder als deelnemer aan het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog werd afgewezen. De moeder van appellant was in oktober 1941 gearresteerd en geïnterneerd in het vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück. Appellant stelde dat zij deel uitmaakte van het verzet, mede op basis van een in 2003 verschenen boek dat haar rol als verzetsdeelneemster zou bevestigen.
De Raad heeft overwogen dat reeds in 1964 een negatieve beslissing was genomen over de aanvraag van de moeder van appellant en dat de Stichting 1940-1945 geen aanleiding zag om deze beslissing te herzien. De gegevens uit het boek werpen volgens de Raad geen zodanig ander licht op het handelen van de moeder dat zij alsnog als verzetsdeelneemster kan worden aangemerkt.
De Raad concludeert dat niet is voldaan aan het vereiste van verzet van derden zoals bedoeld in de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Tevens is geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de moeder van appellant wordt niet erkend als verzetsdeelneemster.